Wegens technische mankementen en drukte doe ik ook even een zogenaamd 'Sprintje onderlangs' en is hier mijn logje voor de zondag, wat dus inmiddels maandag is.
Ik ben nooit echt normaal geweest. Je zou me zelfs af en toe 'vaag' kunnen noemen, maar toch schaam ik me niet voor mijn eigen stijl en ben ik me bewust van mijn acties en gedrag. Ik heb een keer een soort protest-gedicht geschreven voor de gehele wereld die het stempel 'raar' op mijn voorhoofd drukte. Ik heb het eigenlijk aan niet veel mensen laten zien, hoogstens aan mijn Literaire Mentrix en Allerliefste Nicht, Rianne. Met haar ging ik zondag (gisteren dus) naar Metropolis Festival in Rotterdam. Iemand had me uitgenodigd en eigenlijk had ik er niet zo heel erg zin in, helemaal niet omdat we er op eigen gelegenheid zouden heen gaan en geen idee hadden waar we zouden afspreken, maar zolang ik met Rianne was, kwam het wel goed. In de Metro hadden we al een beetje een verwachting en toen we op het festival belanden werd deze verwachting waar gemaakt: het was raar. Heel erg raar. Allereerst moesten we door de blubber (Mathijs: 'Ik háát blubber!' Rianne: "Kijk m'n schoenen!" Mathijs: 'Kijk. MIJN. Schoenen.') en toen we op een veld belanden, hoorde we de klanken van een band. Onverstaanbaar, op de woorden 'fucking machine' na. We keken elkaar aan en bleven stokstijf staan en keken voorzichtig rond. Een sfeerimpressie: een punker met een enorme hanenkam, een shirtloze jongen met 2 tepelpiercings, een meisje met een kapsel waar Amy Winehouse jaloers op zou worden, twee jongens onder een paraplu terwijl de zon scheen. Voordat ik een keer met m'n ogen kon knipperen, stak Jongen 1 zijn tong in de mond van Jongen 2. Nog meer beelden? Een vrouw met een punkbroek, een man die enthousiast in de blubber stond te springen, een jongen met een rijtje wenkbrauwpiercings die de volgende hit van band meeprevelde: 'See that bitch'. Ik keek m'n nicht weer aan. Ik keek naar mijn schoenen. Ik keek naar de blubber. Ik keek naar de 2 jongens. Ik keek naar Miss Amy Winehouse-hair. Ik, angstig: 'Rianne..Zullen we eh..Maar weer gaan? Want het enige punk aan mij is momenteel m'n schoenen' Rianne: "Ja..Laten we dat maar doen". Toen we de poort uitliepen, keek ik achterom. We zuchtten, zeurden over onze blubberschoenen en stilletjes vroeg ik me heel hard af of wij nou raar waren, of toch zij.














